Review + winactie: De Man die de Tijd Meenam

Hee, even een dingetje: je wist dit misschien niet, maar we leven in een mislukte wereld. Goed, gezien de wereldpolitiek is dat misschien niet heel verrassend nieuws, maar zelfs alle basisdingen in het leven – hoe je slaapt, hoe je wakker wordt, hoe je kleren eruit zien – zijn niet zo goed als in de echte echte wereld.

Dat is in ieder geval de pijnlijke boodschap van Tom Barren, hoofdpersoon uit De Man die de Tijd Meenam. Hij begon zijn leven in een superieure versie van het universum, maar door een procedurefoutje bij het gebruiken van de tijdmachine van zijn vader komt hij per ongeluk in onze realiteit terecht. Best een probleem, want onze realiteit suckt, dus hij wil terug, maar hoe doe je dat vanuit een wereld waar tijdmachines niet bestaan?

De Man die de Tijd MeenamAchtbaan van een roman

De Man die de Tijd Meenam is werkelijk een achtbaan van een roman. Net als je denkt dat je ‘m door hebt, zwenkt hij weer een heel andere richting in. Omdat het boek begint met een tijdmachine zit je al snel in science fiction-modus, maar dat is eigenlijk maar een deel van het verhaal. Schrijver Elan Mastai weet het allemaal zo vanzelfsprekend te brengen dat het bestaan van die tijdmachine eigenlijk heel normaal wordt, en voordat je het door hebt zit je middenin in een magisch-realistische roman over een wereld waar je voor je gevoel zo in kan stappen.

En net als je daaraan gewend bent, slaat het magisch-realisme om in een huiveringwekkend realisme: dat hele verhaal van Tom Barren, die in onze werkelijkheid vertelt over zijn superieure alternatieve universum, is dat niet een beetje verdacht? Is Tom niet gewoon een schizofrene weirdo die het zich allemaal verbeeld heeft? Op het moment dat een boek je serieus laat twijfelen over de geloofwaardigheid van het ik-personage, yup, I’m impressed.

Kippenvel & jaw drop

Het houdt daar niet eens op, de achtbaan duurt voort, maar daar wil ik niet al te veel over verklappen. (Kippenvel bij hoofdstuk 94. Jaw drop bij hoofdstuk 124. De terugverwijzingen naar eerdere stukken die je in eerste instantie nietsvermoedend las.)

Is er dan echt niets aan te merken op dit boek? Nou ja, als ik dan echt iets moet zeggen: de laatste paar hoofdstukken hadden van mij achterwege mogen blijven – om spoilers te vermijden laat ik het daar even bij – maar I ain’t even mad. Verder geldt hier dus een absoluut en onverdeeld positief leesadvies.

De Man die de Tijd Meenam van Elan Mastai ligt vanaf vandaag in de winkel. Om te bewijzen dat dit inferieure universum niet helemáál hopeloos is, heb ik supergoed nieuws: ik mag van HarperCollins Holland een exemplaar van het boek weggeven! Je doet mee door op Facebook een reactie te plaatsen op deze post en daarbij iemand te taggen die jij graag zou willen meenemen op een tijdreis naar een parallel universum.

Ik kreeg mijn exemplaar van HarperCollins Holland, in ruil voor een eerlijke recensie.

En het is altijd 1895 – of niet?

Tijdmachines! Wist je dat het idee van tijdmachines pas eind 19e eeuw echt voor het eerst populair werd? En dat alles naar aanleiding van een boek van H.G. Wells uit 1895, waarin hij een tijdmachine beschrijft die er in grote lijnen uitziet uit als een fiets. Klinkt misschien gek, maar de moderne fiets was in die tijd net pas uitgevonden en dus toonbeeld van nieuwe technologische snufjes.

Tijdreizen is tegenwoordig haast onlosmakelijk verbonden met hypothetische vragen als “zou jij baby Hitler vermoorden?” – en de eerste keer dat iemand daarover schreef is eerder dan je zou denken. Maar meer dan dat ga ik niet verklappen over dit geweldige filmpje van Vox:

Het filmpje is overigens nog extra interessant met het huidige politieke klimaat in je achterhoofd.

Time travel is so often about regret. It’s about something in your past that you wish you could do over. In this case, here’s the entire planet allowing this monster to arise and kill millions of people.

Dat boek van H.G. Wells doet me dan weer om meerdere reden denken aan het gedicht 221b van Vincent Starrett over de tijdloosheid van Sherlock Holmes en dr. Watson, dat zeker in het licht van al die recente Sherlock Holmes-adaptaties zeer relevant is. Het gedicht eindigt met deze twee regels:

Here, though the world explode, these two survive,
And it is always eighteen ninety-five.

Nog één ding trouwens: lees Er Ist Wieder Da, een even hilarisch als ontluisterend boek over wat er zou gebeuren als het hele verhaal andersom zou gebeuren: Hitler wordt opeens wakker in hedendaags Duitsland en heeft geen idee wat er aan de hand is.

Managers, jullie banen worden overgenomen door computers

Deliveroo in 1915. (Nee, OK, eigenlijk de New Yorkse fietspolitie.)

Deliveroo in 1915. (Nee, OK, eigenlijk de New Yorkse fietspolitie.)

Als je als manager denkt dat je baan wel veilig is in de robot-revolutie: think again. Natuurlijk zijn er al allerlei bedrijven waar managers gewoon verdwijnen, zie bijvoorbeeld de Tegenlicht-aflevering ‘Het einde van de manager’. Maar al die Uber-chauffeurs en al die Deliveroo-fietskoeriers, die hebben eigenlijk een app als manager:

“For companies like Uber, which aspires to “make transportation as reliable as running water”, algorithmic management solves a problem: how to instruct, track and evaluate a crowd of casual workers you do not employ, so they deliver a responsive, seamless, standardised service.”

Grappig genoeg is algorithmic management niet helemaal nieuw, of zelfs eigenlijk helemaal niet nieuw: al honderd jaar geleden werden mijnwerkers en andere dagloners afgerekend op hun prestaties om het hele zaakje zo goed en productief mogelijk te kunnen laten functioneren. Scientific management noemden ze dat.

Het Financial Times-artikel ‘When your boss is an algorithm’ sprong voor mij van ‘interessant’ naar ‘fascinerend’ op het moment dat het gaat over het toepassen van machine learning op werknemersgedrag.

“Its algorithm builds profiles on each employee — when do they perform well? When do they perform badly? It learns whether some people do better when paired with certain colleagues, and worse when paired with others. It uses weather, online traffic and other signals to forecast customer footfall in advance. Then it creates a schedule with the optimal mix of workers to maximise sales for every 15-minute slot of the day. Managers press a button and the schedule publishes to employees’ personal smartphones.”

Ik ben er nog niet helemaal uit of dat nou erg is. Ja, de vrijheid om je eigen werkdag te kunnen inplannen is ontzettend fijn, maar wat nou als een computer ervoor zorgt dat je altijd in jouw ideale werkomstandigheden functioneert? Dat je als avondmens automatisch niet voor de ochtenddienst wordt ingepland en vice versa? Stel dat ik mezelf nooit meer zuchtend en steunend naar een vergadering om 9 uur ’s ochtends hoefde te slepen! Ik zou een (ietsje) gelukkig(er) mens zijn. Als het algoritme nou ook nog dingen als bloeddruk en hartslag zou meenemen, om stress (en daardoor ziekte) zoveel mogelijk te voorkomen, dan denk ik dat zo’n computer al beter functioneert dan een heleboel menselijke managers.

En daar zit meteen de crux: hoe belangrijk het is dat mensen voor langere tijd kunnen blijven functioneren? Het verschil zit voor een groot deel in het werken met werknemers of dagloners: bij werknemers is het onhandig als ze ziek worden, waardoor het belangrijk is dat je goed voor je mensen zorgt. (Nog los van common decency, maar dat lijkt in de zakenwereld maar zelden echt mee te spelen.) En volgens mij is dát het probleem met Deliveroo en Uber: niet het algoritme, maar dat ze hun mensen uitknijpen tot ze op zijn. Ook hier weer zijn computers niet de boosdoeners, maar de mensen achter de knoppen.

Bron: When your boss is an algorithm (Financial Times, 8 september 2016)

Hoe krijg je meer vrouwen in je informatica-opleiding?

Het bewijs dat het kan lukken als je écht je best doet: Harvey Mudd College slaagde erin om meer vrouwen informatica te laten studeren. En niet een béétje meer, een paar procentpunt winst op die gemiddelde 10% vrouwelijke informaticastudenten, maar véél meer: dit jaar is de meerderheid van de Harvey Mudd-informaticastudenten vrouw. Nog geen tien jaar geleden zat dat percentage ook rond de 10%, dus zo’n verandering is mogelijk, en snel ook.

In minder dan tien jaar steeg het aandeel vrouwelijke informaticastudenten van 10% naar 55%.

In minder dan tien jaar steeg het aandeel vrouwelijke informaticastudenten van 10% naar 55%.

OK, maar hoe doe je dat, en wat kunnen wij ervan leren?

The school emphasizes teaching over research, hiring and rewarding professors on the basis of their classroom performance, says Maria Klawe, Harvey Mudd’s president since 2006. And it places women in leadership positions throughout the school. Next year, six of the school’s seven department chairs, and 38% of its professors school-wide, will be women.

En wat misschien nog wel meer geholpen heeft: een verplicht programmeervak voor alle eerstejaars studenten, maar dan wel zonder enige benodigde voorkennis.

As a result of the changes, women who take the introductory course are more likely to leave with a positive impression of programming, and often sign up for the second class in the sequence. Many go on to internships or research projects in the field after their first year, and by then, they’re hooked.

Het helpt natuurlijk dat je in het Amerikaanse onderwijssysteem pas in de loop van je studie een major hoeft te kiezen, en dat je dus prima kan beginnen met een programmeervakje hier en daar voordat je beslissingen neemt over je hele studietijd. Dat maakt de keuze sowieso makkelijker dan in Nederland, waar je op je zeventiende al moet beslissen waar je de komende vier à vijf jaar – zo niet de rest van je leven – aan gaat besteden.

Meer lezen? Harvey Mudd College took on gender bias and now more than half its computer-science majors are women (Quartz, 22 augustus 2016)

Nog meer lezen? Super Mario Sisters? At USC, women now outnumber men in video game design graduate program (Los Angeles Times, 21 januari 2016)

Lady Geek leest: Armada

ArmadaAls je verslaafd bent aan computerspelletjes, is je leukste dagdroom misschien wel dat alles echt is, dat je echt de aarde aan het verdedigen bent tegen aliens, en dat je uiteraard dan ook de held bent die de wereld redt. In de dagdroomversie van een tienerjongen houdt hij er ook een leuk vriendinnetje aan over, plus het respect van de klasgenoot die hem jarenlang heeft gepest.

Daarmee heb je meteen het plot van Armada, en heel veel ingewikkelder dan dat wordt het niet. Armada is een aaneenschakeling van tropes, literaire clichés. Het plot van het boek is eigenlijk de trope “And you thought it was a game“, waarmee het niet ophoudt, want het boek staat vol met tropes (ik link er hier even een paar, maar ik bedoel dus maar, het zijn er écht heel veel).

Dat maakt Armada nogal voorspelbaar. Wat wel weer charmant is, is dat auteur Ernest Cline (ook bekend van Ready Player One) zich daar in de verste verte niet voor lijkt te schamen, of er in ieder geval geen doekjes om windt. En dat vanaf de eerste zin: “Ik staarde uit het raam van het klaslokaal en zat te dagdromen over avontuur toen ik de vliegende schotel zag.” Goed. OK. Vliegende schotels. In de loop van het boek spat de zelfspot er steeds meer vanaf:

‘Heb je bij ook maar iets van wat er nu gebeurt het idee dat het je in het echte leven zou kunnen overkomen? Of lijken de gebeurtenissen zich te ontvouwen zoals dat in een verhaal of in een film zou gebeuren? Perfect getimed om het dramatische effect zo groot mogelijk te maken?’

Dat maakt Armada een interessant experiment in zelfreferentie, maar ondertussen is het wel weer extra lastig om te vergeten dat je een boek aan het lezen bent, waardoor je nooit helemaal in het verhaal gezogen wordt.

Dat geldt des te sterker voor de Nederlandse vertaling. Armada zit vol met pop culture references naar games, films en tv-series, en dat is tof, want zo praat ik ook met mijn vrienden. Zolang Engelstalige quotes in het Engels blijven staan (‘You shall not pass!’,‘I find your lack of faith disturbing’), gaat dat prima. Maar sommige referenties zijn óf te Amerikaans, óf onhandig in het Nederlands vertaald, en als het bijvoorbeeld gaat over een ‘intergalactisch potje Simon’ ben je als lezer dus al snel de draad kwijt. Om maar niet te spreken van:

‘Doe de deuren van de capsulehangar open, HAL.’

Ehm.

Dan nog even dit. Armada is een jongensboek, en dat zeg ik niet omdat het boek gaat over games en vechten. Goed, de beste hacker uit het boek is een meisje. Goed, er zitten een paar bad-ass vrouwelijke personages in het boek. Maar die lijken allemaal te bestaan om de mannen des te meer te laten shinen. (Overigens zijn er ook nogal liefst twee niet-heteroseksuele personages, maar uiteraard gaan die al gauw dood, want ja, tropes.) Ik zeg overigens expres ‘jongensboek’ en niet ‘mannenboek’, want de sfeer van het verhaal en de karakterontwikkelingen doen erg young adult aan. Is het dan een leuk cadeau voor je neefje van veertien die houdt van games? Dat vind ik dan weer lastig, want die snapt waarschijnlijk een groot deel van de pop culture references naar de jaren 80 en 90 weer niet.

Dat maakt het boek lastig te positioneren: te onvolwassen voor volwassenen, te retro voor tieners. Maar als je je kunt neerleggen bij het voorspelbare plot en het gebrek aan vrouwelijke personages met een wezenlijke rol in het verhaal, heb je met Armada een boek dat vermakelijk is, vooral door de pop culture references, en bij vlagen charmant.

Kopen? Nederlands (e-book), Engels (e-book).

Ik kreeg mijn recensie-exemplaar van Armada aangeboden door Uitgeverij Q.

Lady Geek leest #6

Prins (wit paard)² + bloedmooie prinses = lang en gelukkig leven (Nadelunch.com, september 2012)

Hier hou ik van: willekeurige dingen opschrijven in de vorm van wiskundige formules, en dan analyseren. ‘Wie denkt dat literatuur(wetenschap) puur en alleen voor bètanitwits is, moet zich voor de grap eens vertrouwd maken met de theorieën van de Russische structuralist Vladimir Propp. Hij wist doodordinaire sprookjes om te zetten in ingewikkelde wiskundige formules.’

De wiskundige formule van een sprookje

These Neopets Have Been Alive for 13 Years (Mashable, juli 2013)

Weet je nog van vroeger, Neopets? Ik had ook een account, en een stuk of drie virtuele beestjes. Ik heb zelfs wel eens een internetkennis voor ze laten zorgen toen ik op vakantie ging. (Even for the record: het was 2001. Ik was een tiener. Zo gingen die dingen toen.) Lees verder

Cadeaus voor uw Lady en/of Geek

cadeauHet is weer bijna december, de cadeau-maand van het jaar. Of je nu Sinterklaas, Kerst, Sinterkerst, Oud & Nieuw, Thanksgiving, Kerstgiving of een andere feestdag viert met cadeaus en gezelligheid, een paar tips voor de lady en/of geek in je leven zijn nooit overbodig.

Mode-items voor de stijlvolle nerd:

Fijn voor in de donkere dagen:

Voor de nerd die van drank en/of koffie houdt:

Voor de knutselnerd:

Voor de nerd die van spelletjes en/of puzzels houdt:

Voor de vakidioot:

De categorie ‘overig’: