Tinder surprise

Rationaliseren we liefde te veel door met dating-apps en -websites de perfect passende partner te zoeken? Is de volgende stap dat je je ideale partner zelf kan maken of verzinnen?

Tegenlicht heeft weer een mooie documentaire afgeleverd: Tinder love. In tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, gaat de documentaire lang niet alleen over Tinder en andere dating-apps, maar meer in het algemeen over de toekomst van daten, liefde en seks. Want wat komt er eigenlijk na dating-apps? Meer richting de toekomst: kunstmatige intelligentie (zelfs de Turingtest komt nog langs, hoera!), virtual reality-porno, seksbots en zo verder.

Toevallig had ik nog een half blogstukje over seksbots in de planning staan, naar aanleiding van een interessant stuk in The Telegraph, waarin wordt gesteld dat het best wel creepy is als je ex een perfect gelijkende seksbot van jou heeft. Ja, OK, maar als je echt zo’n gekke geobsedeerde ex hebt, dan had hij of zij zonder seksbots waarschijnlijk een kamertje behangen met je foto’s, en is dat nou echt zoveel minder creepy? Dat vraag ik me af.

Om het gespeculeer nog eens verder door te voeren: stel nou dat robots de ideale sekspartner worden, willen we het dan uiteindelijk liever doen met robots dan met mensen? En doen we alleen nog functioneel aan mensenseks, in het kader van voortplanting? Of wacht eens even… Als je leuke kinderen wil, dan neem je gewoon virtuele kinderen. En dát is dus hoe machines de wereld gaan overnemen.

Zo ver gaat het niet in Tinder love. Maar toch wel vrij ver, met dingen die nu al gebeuren, en het is fascinerend (en nsfw) om dat te zien. Vooral kijken dus: Tinder love (VPRO Tegenlicht, 46 minuten).

Lady Geek kijkt: Billions

Ik wil je eigenlijk aanraden om Billions te gaan kijken, no questions asked, zonder dat ik er iets over gezegd heb. Ik wist van tevoren al een paar dingen van het plot en heb daar tijdens het kijken af en toe van zitten balen, want daardoor miste ik een paar fantastische plotwendingen.

Er zijn een paar dingen die ik je kan vertellen zonder dat ik er echt iets mee verklap. Billions is een slimme, ingewikkelde serie over openbaar aanklager Chuck Rhoades (Paul Giamatti) en miljardair Bobby Axelrod (Damian Lewis). Spanning en intrige dus, maar dan wel op zo’n manier dat je als kijker ook niet precies weet wie je nou wel en niet moet vertrouwen. Ik heb de eerste aflevering twee keer gekeken om alles helemaal te begrijpen en heb tussendoor een paar dingen op moeten zoeken, zoals wat een U.S. Attorney eigenlijk precies is (een openbare aanklager) en wat de SEC doet (toezicht houden op beursverkeer). Die geef ik je dus alvast cadeau.

Als je me níet helemaal op mijn woord gelooft en toch iets meer over de serie wil weten voordat je gaat kijken: OK. Prima. Zoals ik al zei: ik wist een paar dingen en heb desondanks zitten smullen, dus vooruit. Billions is namelijk niet zomaar de duizendste tv-serie over twee machtige mannen die met elkaar in een strijd verwikkeld raken. Want ja, de hoofdpersonen zijn weliswaar mannen, maar de echtgenote van Chuck Rhoades (Maggie Siff) blijkt een centraal punt in de spanning tussen de twee mannen – maar niet als love interest. Bovendien verdient ze acht keer zoveel als haar man – oh, en ze hebben trouwens ook een gezonde SM-relatie waarin zij dominant is. De vrouw van Bobby Axelrod (Malin Åkerman) lijkt een lieve blonde miljardairsvrouw, maar schrikt er niet voor terug om iemand te bedreigen. De eerste aflevering slaagt op het nippertje voor de Bechdel test, en ik ben benieuwd hoe zich dat in de andere afleveringen ontwikkelt. Verder nog relevant: mannelijk naakt in de eerste aflevering.

Goed. Weet je nu dan genoeg? Of wil je ook nog een trailer zien? OK, OK. Ben ik ook niet te beroerd voor.

De geschiedenis van computergraphics

De geschiedenis van computergraphics is onvermijdelijk gelinkt aan aan games. Het zijn immers vooral games die de grenzen opzoeken en verleggen. In de documentaire A Brief History of Graphics vertelt Stuart Brown aan de hand van tientallen voorbeelden over de verschillende stadia van ontwikkeling: van de allereerste pixels, via sprites en polygonen en voxels naar 3D-graphics, en uiteindelijk door naar indie games waarin júist weer pixels en simpele graphics op de voorgrond staan.

Zelfs als je graphics niet per se interessant vindt, is het al leuk om al die games langs te zien komen: Pong, Donkey Kong, Prince of Persia, The Lion King, Doom 3D, Tomb Raider, Unreal, Quake, Braid en nog vele, vele anderen. Het kijken waard dus! De serie bestaat uit vijf afleveringen van elk krap tien minuten. In totaal ben je ongeveer drie kwartier bezig. Hier is alvast deel 1, met daaronder een link naar de hele playlist.

De hele playlist vind je hier.

Lady Geek leest: Zen and the Art of Motorcycle Maintenance

Ik wil beginnen met het belangrijkste advies dat je ooit zult krijgen over Zen and the Art of Motorcycle Maintenance (of Zen en de Kunst van het Motoronderhoud, voor wie liever Nederlands leest):

SLA HET VOORWOORD OVER.

Ik heb de 25th Anniversary Edition van het boek – ja, het is een klassieker uit 1974 – met een voorwoord van de auteur, die terugkijkt op de woelige 25 jaar sinds het boek is verschenen en een aantal reacties op het boek bespreekt. En op nonchalante wijze twee GIGANTISCHE spoilers weggeeft. U bent gewaarschuwd, lieve lezer.

Goed. Nu we dat uit de weg hebben, meer over waarom dit boek zo bijzonder is. Er zijn boeken die je leest omdat ze grappig zijn, of spannend, of ontroerend. En er zijn boeken – dat zijn er aanmerkelijk minder – die je leven veranderen. Die ervoor zorgen dat je opeens op een heel andere manier tegen alles aankijkt. Zen is zo’n boek. Maar het is óók spannend, en ontroerend, en bij vlagen grappig.

Weet je nog, vroeger, De Wereld van Sofie? Dat spannende, wijze boek over een meisje en filosofie? Zen is een beetje zo’n soort boek: verhaal en filosofische uiteenzetting tegelijk. Maar Zen is meer: een originele filosofische theorie bovenop een bespreking van andere filosofen. Een theorie waardoor een kwartje valt: het onderscheid tussen romantic quality versus classic quality, tussen het mooie en het ware, die beiden een plek hebben in je leven. De één zonder de ander is saai, leeg en zinloos.

Een paar voorbeelden. Romantic quality zonder classic quality is mooi maar leeg: een prachtig maar onpraktisch huis, een opzwepende tekst zonder echte boodschap, een mooie jongen die vreselijk dom of onaardig is. Andersom, classic quality zonder romantic quality: dingen die handig zijn, maar waarbij de vonk niet overslaat. Een artikel over een interessant onderwerp – maar niet te lezen zo droog. Een ultiem gezonde maaltijd die eruit ziet als een koeienvlaai en smaakt als karton. Een huis dat op papier aan je eisen voldoet, maar niet aanvoelt als een thuis.

In de intellectuele samenleving van tegenwoordig hebben we de neiging om ons meer te richten op classic quality: zolang het klopt en efficiënt is en we het kunnen verantwoorden, is het goed. Maar dat is niet het complete plaatje. Zonder romantic quality mis je iets, en door deze bewustwording kun je dat opeens uitleggen. Een goedkoop kantoorpand op een goed te bereiken locatie? Tja. Prima. Handig. Voordelig. Maar hoe voelt je personeel zich erbij? Is het mooi, inspirerend, gaaf, om trots op te zijn?

Die manier van denken kun je toepassen op van alles en nog wat. Maar dat kan Robert M. Pirsig beter zelf vertellen in het boek. En over romantic quality gesproken: behalve een filosofische uiteenzetting is Zen bovendien een thriller die culmineert in een bizar einde. Maar daarover vertel ik vooral niet te veel. Lezen. Hup.

Informatica: voedingsbodem voor vrouwenemancipatie

Een van mijn favoriete recente tv-series is Bomb Girls, een serie over vrouwen in een Canadese bommenfabriek tijdens de Tweede Wereldoorlog. Het is een interessante tijd voor de dames: hun plaats is niet meer achter het aanrecht, maar op de fabrieksvloer. De mannen vechten immers aan het front, en die bommen bouwen zichzelf niet.

In onderstaand filmpje wordt de vergelijking gemaakt tussen Rosie the Riveter, icoon van vrouwenemancipatie tijdens de Tweede Wereldoorlog, en de 21e-eeuwse vrouw met een technisch beroep. Het is eigenlijk heel eenvoudig. Er is simpelweg meer mankracht (m/v) nodig, en zonder vrouwen hebben we te weinig technici en programmeurs om de sterk groeiende behoefte te bevredigen.

Tot slot, voor eenieder die geïnteresseerd is in vrouwenemancipatie, de Tweede Wereldoorlog, spannende verhalen, prachtige jaren ’40-jurken, Canadese accenten, hartverscheurende subplots, mooie dames en/of halfnaakte Italianen: de trailer van Bomb Girls. Aanrader.

De leukste iPhone-games voor de herfst

Lange donkere avonden zijn perfect voor iPhone-games. Met een dekentje op de bank (of een snuggie of een slanket of een freedom blanket of een blankoat) en een glaasje-van-het-een-of-ander en dan lekker een boek lezen of een serie kijken (Awkward bijvoorbeeld) of een iPhone-spelletje spelen. Maar welke in hemelsnaam? Geen zorgen, Lady Geek is de hele zomer bezig geweest met het uitzoeken (en uitspelen) van de leukste iPhone-games. Voor jullie, lieve lezers.

Puzzle Craft (€0,79) is een soort kruising tussen Kolonisten van Catan, Bejeweled en SimCity. In Bejeweled-achtige levels verzamel je grondstoffen (graan, kippen, steen, ijzer, etc.) waarmee je allerlei dingen kunt doen die je weer helpen in de levels: gebouwen neerzetten of upgraden, tools kopen en vakmensen opleiden. Zo breid je je nederzetting langzamerhand uit tot een flinke stad. De levels worden steeds ingewikkelder: er komen wolven en ratten in je graanvelden, waarvoor je weer allerlei tools moet kopen om ze uit te schakelen, enzovoorts. Leuk genoeg om uit te spelen, kan ik uit eigen ervaring vertellen.

CrossFingers (€0,79) is ook al zo’n mix van verschillende spellen: tangram, schuifpuzzels en behendigheidspuzzels waarbij je vingers in de knoop raken. Vandaar ook de naam natuurlijk. Leuk aan CrossFingers is dat je met verschillende levels tegelijk bezig kunt zijn en dus niet zo snel vastloopt op één lastig level. De user interface is erg goed, sommige levels zijn flink pittig en ik moet met schaamrood op de kaken bekennen dat ik van drie puzzels een walkthrough heb moeten zoeken om het spel uit te kunnen spelen. Hoe dan ook: het is een spel dat leuk en frustrerend genoeg is om die walkthroughs na dagenlang puzzelen wel te móeten zoeken.

In Traffic Wonder (€0,79) moet je gekleurde autootjes naar gekleurde garages rijden. Klinkt simpel, maar dat valt tegen: je hebt een heel beperkte hoeveelheid brandstof (hoe actueel!), de autootjes mogen niet botsen en af en toe moet je onderweg nog pakketjes ophalen. Leuk aan dit spel is dat je verschillende niveaus van oplossen hebt; zoals je bij Angry Birds één, twee of drie sterren kunt verdienen aan een level, kun je bij Traffic Wonder een level ‘gewoon’ halen (dan mag je het volgende level doen), maar ook de optimale oplossing, en dan krijg je een medaille. Leuk!

Lady Geek kijkt: Awkward

Jenna heeft een hoop in het leven. Twee beste vriendinnen: ditzy Tamara en hippe indie chick Ming. Een plastic fantastic moeder die haar studiegeld liever besteedde aan een borstvergroting. Een knappe vader (*rawr*). Een crush op de populairste jongen van de school. En een cheerleader als aartsvijand.

Klinkt als een standaard tienerserie, amiright? Klopt! Maar Awkward is wel een verdraaid charmant exemplaar van zo’n serie. En dat heeft alles te maken met hoofdpersoon Jenna. Jenna is namelijk een samentrekking van al mijn favoriete fictieve tieners: Juno, Rory Gilmore, Angela Chase en Cher uit Clueless. Ze is bijdehand, eerlijk, grappig en heeft precies genoeg zelfspot om leuk te zijn, maar niet hopeloos.

Op de tweede plaats van Goede Eigenschappen Van Deze Serie staat het taalgebruik. Na twee seizoenen Awkward ben ik tot in de puntjes op de hoogte van afkortingen als DTR (“define the relationship”) en ILY (“I love you”, uitgesproken als “illy”). “Red cup photos” zijn het summum van sociale coolheid: publieke Facebook-foto’s waar je met een rode plastic beker op staat (je kent ze wel van alle Amerikaanse tienerfilms en series). Jenna’s vijand Sadie is een “primo bitcherina”. Vriendin Tamara is de koningin van de nieuwe taaluitvindingen, met als hoogtepunt: “Nice whoredrobe, skanksquatch.”

En daar heb je ook meteen nummer drie van de Goede Eigenschappen Van Deze Serie: de schrijvers durven onorthodoxe dingen te doen. Scheldwoorden (“Fuck that, I had to take the bitch down”). Een cheerleader met overgewicht. Een streng christelijke cheerleader. Een fantasiescenario waarin Twilight compleet voor lul gezet wordt. De Chinese maffia. Een homoseksuele jongen die tot homecoming queen wordt verkozen. Seriously guys, deze serie is PFM: Pure Freaking Magic.